Terug naar >>

Alles en nog wat <<

Home <<

 

Moederliefde

 


Uitzicht vanuit de lodge in Dolomite Camp

Het is pikkedonker bij de Klippan water hole. Onze gids Mac zit onbeweeglijk achter het stuur van de open Toyota Landcruiser. Sheila, de gids in opleiding zit naast Mac. Daarachter Trees en ik en daar weer achter twee Zwitsers. We zitten zeker al een half uur zwijgend te wachten.
Onderweg hiernaartoe hebben we in het schijnsel van het rode zoeklicht divers wild gezien: diverse gemsbokken, enkele grootoorvossen, een struisvogel, twee steenbokken en een springhaas. Allemaal leuk en aardig, maar daar kwam ik natuurlijk niet voor. Ik wil meer spektakel. 

Nou, dat kregen we meteen toen we bij de waterplaats aankwamen. In het rode schijnsel zagen we een neushoorn. Ze stond veraf, maar na enige tijd goed turen zag ik dat het een zwarte neushoorn was (de bladeren etende variant met puntlippen). Ik had mijn huiswerk goed gedaan volgens Mac. ‘Hoeveel neushoorns zie je?’,  vroeg hij vervolgens. ‘Twee natuurlijk – de neushoorn en haar spiegelbeeld in het water.’ Het waren er inderdaad twee, maar dan zonder spiegelbeeld. Mac’s getrainde ogen hadden meteen al een baby neushoorntje ontwaard, verdekt achter moeders achterpoot.  

Nadat Mac het roodfilter van de schijnwerper had verwijderd, konden we ze duidelijker zien en genieten van het vertederende schouwspel van baby en moeder. Plots verdwenen ze van het toneel – moeder voorop, kleintje erachteraan, het aangrenzende struweel in. De schijnwerper ging uit en wachten maar. Zo’n zwarte neushoorn smaakt naar meer.

En zo zitten we nu al zeker een half uur. Geen enkel geluid en geen leeuw te bekennen. Zo langzamerhand voel ik ongenoegen opkomen. Komt er nog wat van? Per slot van rekening heb ik voor deze night drive flink wat geld neergeteld. Start die auto en rijd eens vlug naar een betere waterplaats. Dit is niks.
Uiteraard hou ik me gedeisd. Maar ik vraag me wel af wie van de anderen het eerst zijn ongenoegen uit. Na wat een eeuwigheid lijkt fluistert Mac dat de baby neushoorn heel jong was die nog zo’n vijf jaar bij de moeder zal blijven. Al die tijd maakt de moederlijk zorg deze zwarte neushoorn tot een van de meest agressieve beesten van de savanne. Blijf uit de buurt. 

Mac start de auto en rijdt doodgemoedereerd verder. In het rode schijnsel zien we ook nog een zadeljakhals. Van hieruit is het een flinke hobbelrit naar de meest nabije Dolomite water hole. Langzamerhand worden mijn gedachten onsamenhangend en voel ik mezelf wegzakken in het nachtelijk duister. 

Bij de waterplaats aangekomen lijkt de tijd een sprong te hebben gemaakt – een sprong van bijna vijf jaar. Aan de overkant van het water staan weer twee zwarte neushoorns, maar nu een moeder en een adolescente dochter. Maar nu allesbehalve vertederend. De dochter daagt de moeder voortdurend uit. ‘Deze relatie staat op het punt van breken’, fluistert Mac. ‘Nog een paar weken en dan gaat dochterlief haar eigen weg en is moeder weer alleen.’  

De dames stoeien onderling heel wat af, daar aan de waterkant. Ondertussen ploft een kleine uil in het schijnsel van de schijnwerper op de grond, met een dikke kever in een van zijn klauwen. In de stilte hoor je telkens gekraak wanneer de uil een hapje neemt. Even zijn we afgeleid van het twistende tweetal, maar lang duurt dit niet. Dochter zet het ineens op een lopen. De rollen zijn omgekeerd: moeder haast zich achter het kind aan.
Dochter neushoorn rent om de plas heen en komt stampend recht op ons af. Moeder zet vertwijfeld de achtervolging in. In het volle spotlight holt het tweetal vlak langs ons rijtuig heen. Met ingehouden adem zien we het schouwspel aan. ‘That was quite close’, grijnst Mac.

 

Vorige <<

>> Volgende